|


Een tent in een 2CV gepakt
Samen met flinke jerrycans voor water
op weg naar Tamanrasset .

|
|
Mijn
reis begint met de gedachte:
ik pak mijn fiets en mijn tent
stap op de vleugelboot naar IJmuiden
pak daar de boot naar Newcastle
en dan zie ik wel verder
op een topografische kaart volg ik
de wegen en paden
met een beeld van het landschap in mijn geheugen.

Wheedlement
De weg loopt omhoog. Ik sta op de trappers van mijn fiets om boven
te komen. Boven staat een beeld van een wijzende vrouw. Ik volg
met mijn blik de wijzende hand en zie, half verscholen achter
bosjes, een begraafplaats. In de graven slachtoffers van WOII,
slachtoffers.
Het is doodstil, alleen een zuchtje wind.
Ik pak mijn fiets en suis de berg af.
|
|

Soms
ga ik te voet
langs de rood-witte merktekens
van de Sentiers de Grande Randonnée
De markering van de paden is afhankelijk van de inzichten van
de markeerders
Hoewel de hoogtelijnen een beeld van een berg te zien geven
is het pad, met alle losse stenen of ondoordringbare varens, anders
dan de rode lijn op de kaart.
De paden kunnen goed begaanbaar zijn,
prettig om onze voeten op neer te zetten.
Maar vaker vijandig, smal met afgebrokkelde randen of morsig met
vette waterachtige kleipollen.
|
|

Mijn
pad door het droeve landschap
West Vlaanderen waar regen de militaire dodenakkers nog droever
maakt dan ze al zijn
De paden zijn eerst gezien op de kaart
De route is uitgezet en alles kan beginnen.
De werkelijkheid is anders, komt niet overeen met de nauwkeurigheid
van de kaart.
Paden leven, verplaatsen zich als er een bron de grond doorbreekt.
Iedere wandelaar neemt een eigen route
om de waterplek
en na verloop van tijd is het pad verlegd.
|
|
|

Wegen
die op de kaart als onbegaanbaar aangeschreven staan
blijken in werkelijkheid met gemak te kunnen begaan. Routes die
topografisch een makkie lijken blijken een vegetatie te hebben
die ons danig dwars kan zitten.
De weg omhoog voert in principe naar het onbekende
Een nog nooit gezien uitzicht, de nog niet betreden top. De weg
omlaag heeft bekendheid, alles is al vanaf de top gezien.
De loop der paden zijn geen geheim meer
Lopers
hebben een weg af te leggen
Omhoog en onherroepelijk ook weer een route omlaag. Iedere richting
heeft eigen genietingen en ontberingen.
Er is de alles bestralende zon die behalve ons pad ook onze hersenpan
beschijnt.
Maar bij de top is er de wind die verkoeling brengt.

Dan
is er de kwestie
van het gebruik van de spieren
Bergopwaarts gaat het langzaam, met pijnlijke kuiten.
Afwaarts
gaat het sneller
en de pijn verplaatst zich naar de spieren
in de omgeving van de schenen.
Die worden bij stadse mensen behoorlijk geweld aangedaan.
De weg omlaag voert langs een dorpscafé waar koele drank
wacht.
De afstand lijk maar niet kleiner te worden.
De blik blijft naar het pad gericht om de juiste plek voor de
voeten te kunnen kiezen.

Dan
blijven er nog plekken over die niet te voet bereikt kunnen worden
|
|

Ik
zag Ormos Soudas van ver schitteren
De mensen aan het strand zijn zwart. Ik stap in het water, maar
voel niets. Nog een stap, tot mijn knie, nog niets. Na vier stappen
krijgen mijn benen het moeilijk. Ik laat mij achterover vallen.
Zou het dan echt waar zijn? Mijn benen komen als luchtgevulde
balonnen boven. Ik drijf. Ik ben een boot. Op mijn lippen proef
ik zout.

East
Fringle
Het is voor Engelse begrippen erg heet. Ik stop mijn etenspullen
onder een steen bij het riviertje naast mijn tent. 's Morgens
bleek het gezwollen. De kaas en de worst moet ik stroomafwaarts
uit het water vissen.
|
|