|
Visueel
& Concreet
De
poëzie als taalkunstwerk heeft zich altijd bediend van
het gebruikelijke taalmateriaal, het genormeerde schriftbeeld en de
klank die daar bij hoort.
Maar juist in dit woordje 'bediend' zit het verschil met de concrete
poëzie.
De semantische betekenis van een woord of de zin stond in de dichtkunst
centraal en deze be-teken-is
werd overgedragen door letter-tekens
en lees-tekens of door klanken als
hulpmiddelen.
De
tegenstelling:
De essentiële verschuiving naar concrete poëzie is, dat het
schriftbeeld en de taalklank niet langer ondergeschikt is aan de betekenis
en gevoelswaarde van de woorden, maar dat de woordbetekenis, de woordvorm
en de woordklank als gelijkwaardige en, elkaar beïnvloedende, elementen
van een gedicht worden gebruikt.
Het 'ik' is uit de gedichten verdwenen:
De kenmerken van het gebruik van taalmateriaal als een volwaardige
bouwstof zijn:
In de eerste plaats de objectiviteit.
Concrete gedichten geven weinig informatie over de persoonlijke ervaringen
van de dichter, maar vooral over de mogelijkheden van het zichtbare
en hoorbare taalmateriaal.
Vandaar de term objectieve poëzie.
Marinetti:
Martinetti schreef in 1909 een technisch manifest voor de
futuristische literatuur uit, waarin voorgeschreven wordt:
'Men moet het 'ik' in de literatuur vernietigen.'
Manifesto
of Futurisme >
Umberto
Eco:
Eco, hoogleraar semiotiek in Bologna, gebruikte het begrip
open kunstwerk als een autonome,
complementaire vorm van het wereldgebeuren.
Die vaststelling heeft alles te maken met het wezen van de Visuele Poëzie.
Dit in tegenstelling tot de Concrete Poëzie, die niet zelden voor
een kopschuwe, zinloze, hermetische tendens gehouden wordt, opent de Visuele
Poëzie een discussie tussen de meest verschillende media van de communicatie
en beeldende kunst.
Lucebert:
Tellby
tellby toech tarra
inna nip
inna nip
tarra toech tellby
Dit gedicht is geheel uit zelfgemaakte woorden
samengesteld. Ze zijn niet zo zinloos
als ze wel lijken. Het karakteristieke is, dat ze een dramatische situatie
weergeven.
Jan
Hanlo: De Mus
Tjielp tjielp - tjielp tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp - tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp
Tjielp
etc.
Jan
Hanlo: OOTE
Oote oote oote
Boe
Oote oote
Oote oote oote boe
Oe oe
Oe oe oote oote oote
A
A a a
Oote a a a
Oote oe oe
Oe oe oe
Oe oe oe oe oe
Oe oe oe oe oe
Oe oe oe oe oe oe oe
Oe oe oe etc.
Oote oote oote
Eh eh euh
Euh euh etc.
[fragment]
Balanceren op de rand
Lucebert en
Hanlo worden wel eens verweten dat ze zich met deze klankgedichten op
de uiterste rand van het poëtische vlak bewegen.
Als je vindt dat poëzie een taalkunstwerk is, dan vallen deze gedichten
zelfs óver de rand, want klanken zijn geen taal, evenmin als
bakstenen een huis zijn, al behoren menselijke klanken wel tot het taalmateriaal.
Taalkunst
en Beeldende kunst
Als je vindt dat poëzie met woorden moet kun je visuele gedichten
het beste een mengvorm van poëzie en beeldende kunst noemen
Moderne beeldende kunstenaars experimenteren en tasten grenzen af. Zo
komen ze tot nieuwe kunstvormen met eigen technieken en esthetische
kenmerken.
Dat moet dan ook voor taalkunstenaars en toonkunstenaars gelden.
Taal
& Teken >

Antoni Tàpies Hiëroglyfen
1985

Antoni Tàpies: Kruis
en cirkel 1980

Antoni Tàpies: Rentamans
i libres
[1987 © Fundació Antoni Tàpies]

Paul Klee:
Er küsse mich...
De
fluxus performances:
Een combinatie van acties, handelingen
in rituele of geritualiseerde context
De handelingen waarom het gaat zijn steeds een inbreuk op heersende
waarden en normen.
Ze zijn gericht op de bestaande 'orde'.
Niet vanuit een politieke of ideologische wil tot omverwerping van
de orde, maar veeleer om die orde op een speelse wijze te provoceren.
kijk
verder >

Harald Vlugt: Het Boek
Ulises
Carrión
[1941-1989]
THE NEW ART OF MAKING BOOKS
Ulises was een Mexicaanse kunstenaar, die lange tijd in Amsterdam
woonde,
waar hij de boekhandel en galerie Andere
Boeken en Zo had.
Hij werkte voor het internationale MailArt
Netwerk
Een
boek
is geen doos vol woorden
Een
schrijver
schrijft
geen boeken, een schrijver maakt teksten
Een
literaire tekst
opgeslagen
in een boek gaat voorbij aan het feit
dat het boek een autonome opeenvolging van ruimte en tijd is
Lettertekens
omvatten
de ruimte, lezen bepaalt de tijd
Boeken
zijn
in principe bakken met al dan niet literaire teksten
Oude
kunst:
schrijver
schrijft teksten, de rest wordt door ambachtslieden gedaan
Nieuwe kunst:
schrijver
maakt boeken en is verantwoordelijk voor het gehele proces
lees
meer over boeken >
|
|
|
Lezen
& Waarnemen
Grenzen
tussen lezen en waarnemen zijn er je moet ze als kijker en lezer zelf
vaststellen. Als je leest volg je gewillig de regels die algemeen gelden,
als je kijkt stel je daar zelf regels voor vast.

Ernest van Leyden:
Broadway [1961]

Kurt Schwitters: Collage
Schwitters plakt resten van alledaagse teksten als collages bijeen.
Deze volkomen nieuwe zienswijze verdrijft de alom tegenwoordigheid van
het geschrevene.
De kranten, bureaucratie en reclame heersen.

Kurt Schwitters: wij
wachten
Wat betreft het
gebruik van cijfers op de plaats van woorden was Schwitters zijn tijd
op de SMSers generatie ver vooruit.
Merzkunst
>

Ferdinant Kriwet:
Rundschreibe XIV
[1964]
De cirkel als een vlak
Kriwet [*1942] noemt het kijkteksten
De letters komen uit een zetkast of de schrijfmachine. In plaats
van een doorgaande inhoud zien we onsamenhangende woorden. De kijker
moet associatief aan het werk gaan en ergens in de cirkel beginnen.
Dat er geen einde is zal wel niemand geloven.

Het Hemelse Alfabet
[16e eeuw]
Een geheimzinnige tekst zoalsdie ook bij bepaalde
sekten gebruikt wordt

I.C. Hiltensperger
Het
Labyrinth
[begin 18e eeuw]
Een
labyrinth is in oude tijden gebruikt om de wijsheid van mensen
op de proef te stellen. Maar Hiltensperger wil de geheimen van de wereld
en van God in een tekst verbergen.
Eerst lijkt de tekst een tunnel waar je aandacht naar het einde ervan
wordt getrokken. Daar moet dan de waarheid te vinden zijn. De gekalligrafeerde
Duitse tekst is niet gemakkelijk om te lezen, vooral door alle versieringen
die zijn aangebracht."Im Wille Weiszheit " In het belang van
de wijsheid.
I.
HESUS SIRACH I. CAPI:
[Jezus Sirach, hoofdstuk 1]
Dat slaat op een boek van de schrijver Jozua ben Sirach, een jood uit
Egypte [180 vChr] die zich bijzonder had toegelegd op het lezen van
de Wet en de Profeten en de overige voorvaderlijke boeken en daarin
voldoende bedrevenheid had verkregen. De bedoeling van het boek is dat
leergierigen die zich in dezelfde materie hebben verdiept meer wijsheid
zouden verkrijgen en nog veel grotere vorderingen zouden maken door
te leven volgens de wet.

Josua Reichert:
Sator [1963]
Bezwering: Twee
balken voeren ons naar de begin tekst: Sator.
Dat is een middeleeuwse magische formule die ook als een palindrome
gelezen kan worden.
SATOR AREPO TENET OPERA ROTAS
De waarheid van het beeld gaat boven de
betekenis van het schrift
Stéphane
Mallarmé
[1842-1898]
Hij wordt gezien als een voorloper van de symbolistische beweging
uit de jaren 1880 in Frankrijk.
Hij ontwikkelde een hermetische stijl
kenmerkend voor intellectualisme en de abstractie van het Duitse
idealisme.
Volgens Mallarmé moet dichtkunst suggereren en onbewust op de
lezer inwerken. De dichter kan de werkelijkheid omvormen door een beroep
te doen op het menselijke intellect en door gebruik te maken van alle
poëtische en magische krachten van de taal.
Mallarmé maakt een onderscheid tussen het communicatieve taalgebruik
van alle dag en het poëtische taalgebruik. Gedichten werken met
klanken, ongrammaticale associaties en soms met magische symbolen op
de lezer in. Op die manier ontstaat, bij benadering, een innerlijke
werkelijkheid.

Stéphane Mallarmé: Un
Coup de Dés [1897]
Deze gedichtenbundel van Stéphane Mallarmé werd in een
nieuwe vorm gepubliceerd. De regels zijn in verschillende corpsen willekeurig
verspreid over de pagina gezet, zodat de lege ruimte rond de woorden
plotseling een eigen betekenis kregen.
Un coup de dés jamais n'abolira le hasard
(een worp met dobbelstenen zal het toeval nooit uitsluiten)

Marcel Broodthaers:
Un
Coup de Dés Jamais N'Abolira Le Hasard
[1969]
Marcel Broodthaers
[1924-1976]
ging een stapje verder en 'vertaalde' de tekst van Stéphane
Mallarmé zonder daarbij letters te gebruiken.
Broodthaers,
peetvader van de conceptuele kunst in België:
Kunst is niet gemakkelijk. Dat wordt toch zo algemeen aanvaard. Iets
staat in een museum en dus is het kunst en dus is het per definitie
moeilijk.
In zijn kunst stelde Broodthaers duidelijk de vraag of kunst wel eeuwigheidswaarde
moet hebben.
Het idee is belangrijker dan het kunstwerk als object
|
|
|
Taaltaal
& Muziektaal
Als je probeert
klankgedichten binnen de gangbare grenzen van de poëzie te houden,
wat is er dan op tegen om deze gedichten als een mengvorm van taalkunst
en muziek te zien? Sonische
of fonetische poëzie dus.

Paul van Ostayen:
Music Hall
Dit meest geciteerde gedicht uit de bundel Bezette
stad is een klassiek voorbeeld
van visuele poëzie.
Jammer genoeg worden meestal slechts een paar regels getoond, waarmee
de inhoud van het gedicht in nevelen verdwijnt.
'Niet de dichter is gewichtig, wel het gedicht.
Het Ik blijft het hoogste goed, doch niet het Ik van de dichter, maar
wel het Ik van het gedicht.'
compleet
gedicht Music Hall >
Eugen Gomringer:
Schrijft
over het concrete gedicht:
'sie nennt die 'allzu menschlichen', sozialen und erotischen probleme
nicht, wenn diese probleme nicht weitgehend im leben gelöst werden
können, gehören sie vielleicht in die fachliteratur.'
Nu mag je niet meteen
concluderen dat deze poëzie alleen maar steriele esthetische bouwsels
oplevert. Een groot deel van de concrete gedichten, vooral van de Brazilianen,
maar ook van talrijke Europeanen,valt onder wat men geëngageerde
poëzie pleegt te noemen.
Hansjörg Mayer:
SAU
AUS
USA
Waarschijnlijk het kortste concrete gedicht dat tijdens de Vietnamoorlog
op de muur van een kraakpand in Berlijn gepubliceerd is.
Engagerende
poëzie
De dichters geven er de voorkeur aan niet van geëngageerde, maar
van engagerende poëzie te spreken. Er zijn hoge verwachtingen omtrent
de uitwerking ervan op de maatschappij.
De gedachte hierbij is, dat de traditionele geëngageerde poëzie
de consumptiemaatschappij te lijf wil gaan, maar daarbij de voorgevormdheid
van de taal in tact laat
Alleen de kritische reflectie op
de verhouding tussen taal en werkelijkheid, zoals bij concrete poëzie,
kan dat doorbreken.
Lezen
is kijken:
Een tweede kenmerk van de nieuwe dichtkunst is de reductie,
die tevens een vereenvoudiging en concentratie betekent.
Niet alleen het aantal woorden wordt beperkt, maar ook wordt de syntaxis
vervangen door de rangschikking der woorden, letters of tekens binnen
de vorm van het gedicht.
Je leest niet meer van links naar rechts en van boven naar beneden.
Het lezen van het gedicht is het bekijken van het gedicht.
Natuurlijk dient
de rangschikking van de taaltekens niet uitsluitend ter vervanging van
de syntaxis, aangezien alleen bij gebruik van betekenisdragende woorden
van een te vervangen syntaxis sprake kan zijn
Het opbouwen van
het tekenbeeld, heeft in de concrete poëzie nog vele andere functies.

Ernst Jandl: Ö
Deze tekst van geeft een vierkant van o's te zien dat door een rechthoekige
driehoek van e's doorkruist wordt.
Overal waar de o's met de e's zouden samenvallen zijn ze door het teken
o-umlaut (ö) vervangen.
Een linguïstisch verschijnsel
Buiten de taaltheorie om, is hier direct aanschouwelijk gemaakt.
De bedoeling van deze reductie en concentratie is een vernieuwde taal
te creëren, die de lezer-kijker niet onderhoudt, maar hem fascineert.

Guillaume Apollinaire:
Il Pleut [1916]
Dit gedicht is door M.Levé,
typograaf, voor het tijdschrift SIC [Sons Ideés
Couleures] volgens het slordige
manuscript bewerkt.

Christian Morgenstern:
[1871-1914]
Een vis in de vorm van een gedicht
in de vorm van een vis.
Het is een beeldgedicht.
Dit diepste Duitse gedicht is een parodie
op het overbekende gedicht van Goethe:
Johan
Wolfgang von Goethe:
Ein Gleiches
Über allen Gipfeln Ist Ruh,
In allen Wipfeln
Spürest du
Kaum einen Hauch;
Die Vögelein schweigen im Walde.
Warte nur, balde
Ruhest du auch.
[uit:
Goethe, Wanderers Nachtlied]
Christian
Morgenstern:
Die Trichter
Zwei Trichter wandeln durch die Nacht.
Durch ihres Rumpfs verengten Schacht
fließt weißes Mondlicht
still und heiter
auf ihren
Waldweg
u. s.
w.
de
trechters
Twee
trechters wandelden bij nacht,
't maanlicht glipte door hun schacht
bleek en stil en
ongestoord
over het
bospad
enz.
|
|
|
|
|

Vormentaal
en beeldtaal
Er is vrijwel geen beeldonderdeel te vinden dat, vergelijkbaar met een
letter uit het alfabet, deel uit kan maken van wisselende taalbetekenissen.
Kunstenaars gebruiken soms letters in hun visuele
werken
Maar ze geven die beeldend gebruikte letters en woorden een
andere, eigen, betekenis.

Franz Mon:
Abstraktion
de
plotselinge verandering
van het letterteken >

Pera:
Presence du marteau [1962]
|
|
|

Hendrik
Nicolaas Werkman:
De
leden van De Blauwe Schuit in de
drukkerij waar Werkman de Chassidische
Legenden drukte.
vlnr: Zuidhoff, Henkels, Werkman
en Buning

Werkman: Compositie
met J en O [1928 ]

Werkman:
The Next Call [1923-1926]
Een tijdschrift gevuld met typografische experimenten,en
expressionistische, lyrische en dadaïstische teksten.
Werkman verspreidde The Next Call internationaal en dit bracht hem in
contact met allerlei avant-gardisten over heel Europa, zoals Michel
Seuphor, Jean Arp, Antoine Pevsner en
Wassily Kandinsky
meer
over Werkman >
|
|

Jean Arp:
Hans (Jean) Arp is een belangrijk
vertegenwoordiger van het dadaïsme via het surrealisme tot de concrete
schilderkunst.
In de poëtische, beeldende, werelden verenigde hij tegenstrijdige
stijlen: het surrealisme en de abstractie. Hij knipt zinnen in stukken,
gooit ze op de grond en plakt er een gedicht van. Hij kiest ook woorden
op hun klank.
Simon Vinkenoog:
het eerste nummer van Blurp
[1950
]
Hoewel Simon
Vinkenoog geen Dadaïst genoemd kan worden past het tijdschrift
Blurp, dat hij op zijn 21e in eigen beheer vanuit Parijs in een oplage
van 150 exemplaren gratis verspreidde, wel in deze stroming.

Blurp Nr.6 [1951]
Simon Vinkenoog werd in 1928 geboren
in Amsterdam. Hij overleed in zijn stad op 12 juli 2009.
De eerste vier van in totaal acht nummers schreef hij zelf. Daarna werken
onder anderen Hans Andreus, Armando, Hugo Claus,
Jan Hanlo, W.F. Hermans en Hans
Lodeizen mee.
Blurb stond samen
met het blad Braak aan de wieg van de Vijftigers, waartoe ook Lucebert
en Bert Schierbeek
gingen behoren. De Vijftigers zetten zich af tegen de
heersende kunstopvattingen en conventies van die tijd.
Ze pleitten
voor vrijere vormen, directe expressie en spontaniteit. In de schilderkunst
kwamen die ideeën tot uiting in de Cobra-schilderkunst
van mensen als Karel Appel
en Corneille.
In de jaren zestig
werd Simon het boegbeeld van de provo- en hippiebeweging
in Amsterdam. Vinkenoog werd een soort ambassadeur van het gebruik van
wiet en andere geestverruimende middelen.
In 2004 was Vinkenoog
ad interim Dichter des Vaderlands.
|
|
|
|
|
|

Dick
Elffers: Lettergraniet
Bert
Schierbeek:
Taal
is een krankzinnig vat
Alles wordt erin gekeild.
Alle onzin van de wereld die ooit is uitgekraamd, zit er ook in

Friedrich Achleitner:
kobylany-studie, 1958
De
Wiener Gruppe
Een groep van Oostenrijkse schrijvers die tussen
1954 en 1964 de literatuur radicaal wilden vernieuwen. Ze noemden zich
taalingenieurs, ze wilden breken met een literatuur die opvallend achterliep
op de tijd. Vooral Gerhard Rühm,
componist en bewonderaar van Webern,
had een feilloos gevoel voor de expressiviteit van spraakklanken, maakt
klankgedichten, 'coole poëzie', constellaties van woorden, ideogrammen
en tekstbeelden zoals 'jetzt' - een poging om het nu zichtbaar te maken.
Ze zijn de geschiedenis ingegaan als concrete en later visuele poëzie.

|
|
|

Christian Dotremont: Train
Mongol
Deze tekst ziet er nogal Japans uit.
Pas in een spiegel is die in het Frans te lezen

In 1947 schreef Dotremont het manifest
"Le surréalisme révolutionaire".
Dit manifest leidde tot de oprichting van een
beweging, waarvan ook Jean-Michel
Atlan, Jacques Doucet en Joseph
Noiret deel uitmaakten.
In 1948 ontmoette Christian Dotremont
de Deense kunstenaar Asger Jorn.
Later was Dotremont één van de oprichters van
CoBrA. Hij bedacht die naam en was met Constant de belangrijkste
theoreticus er van.
Experimenten
met taal
Ook nadat CoBrA uiteen was gevallen,
bleef Christian Dotremont experimenteren met taal. Geïnspireerd
door de Oosterse kalligrafie maakte hij zelfverzonnen tekens. Combinaties
van deze tekens noemde hij logogrammen.
|
|
|

Anton Heyboer:
De schoolmeester
in de Zaanse Schans [2004]
Hoewel Heyboer moeilijk te plaatsen is maakte deze prettig gestoorde
graficus met een ongewone levensstijl, wel werken die met een dynamisch
mengsel van taal en beeld tot concrete poëzie gerekend kunnen worden.

Ger Lataster: Tekening
De schilder Ger Lataster wordt over het algemeen gerekend tot de
Abstract-Expressionisten.
''Alleen wanneer ik, via de daad van het schilderen, een elementaire
lading heb verworven die even krachtig is als de menselijke en natuurlijke
gebeurtenis die het inspireerde, voel ik dat ik de drempel bereik van
een picturale werkelijkheid die overeenstemt met de natuurlijke realiteit
die er de stoot toe gaf. Dan, als ik erin slaag het juiste picturale
equivalent te vinden van de natuurlijke of menselijke gebeurtenis die
me beweegt, smelten techniek en onderwerp zodanig samen, dat ze onscheidbaar
zijn.''
|
|
|
|

Filippo
Tomasso Marinetti
De Italiaans futuristische dichters lieten
een schrijfstijl zien die ze Parole in libertà,
of wel vrijgelaten woorden, noemden.
Marinetti [1876-1944] is de oprichter en voorman van het Italiaans futurisme.

lees
ook >

Diter Rot: kinderboek
[1957]
Kunst
is een taal en D.R. nam dat zeer letterlijk. Grammatica vond
hij een belemmering. Rot(h) gebruikte een eigen alfabet: de woorden
splitsen in l-e-t-t-e-r-s en de letters onafhankelijk gebruiken. De
letters laten klinken, ze op hun kop zetten. Zij krioelen over de bladzijden.
Hij spuwt ze uit.
|
|
|

Piet
Zwart [1885-1977]
Pionier van de moderne typografie. Hij verwierp traditionele typografische
regels, in plaats daarvan gebruikte hij de basisprincipes van het Constructivisme
en De Stijl in zijn commerciële
werk.

Karel Appel: vragende
kinderen [1950]

Bert Schierbeek en
Karel
Appel
Karel
Appel kan men in verband brengen met het abstract
expressionisme.
Gestoeld opde vervorming van de dingen. Kenmerkend voor de dadaïstische
stijl was dat ze in hun poging de burgerlijke kunst te vernietigen de
oude kunst belachelijk maakten, ze kinderlijke, onschuldige kunst maakten.
Daarmee kan Karel Appel zich tussen dadaïsten bewegen.
Bert Schierbeek:
schreef teksten bij schilderijen van
de CoBrA schilders:
het dier heeft een mens getekend
zo gebeurt het dan dat wij soms laat in de avond thuiskomen nadat wij
de gehele dag aan de rotswand hebben gestaan om daarop te tekenen het
dier dat ons gedurende ons leven geregeld in slaap is verschenen en
ons naar wij dachten zijn omvang en beweging duidelijk in onze geest
had gegrift
|
|
|

Artur
Köpke:
Weiter
auf der übernächsten Seite

Asger Jorn: Stavrim
Sonnetter
Asger
Jorn ging op 21-jarige leeftijd naar Parijs, waar hij lessen
volgde bij Ferdinand Leger en Le
Corbusier.
Na de Tweede Wereldoorlog ontmoette hij daar Constant
en Jean Michel Atlan.
Net als Constant ontwikkelde Jorn revolutionaire ideeën over de
rol van de kunstenaar in de westerse maatschappij. In 1956 richtte hij
als reactie op Max Bill, met Enrico
Baj de Mouvement
International pour une Bauhaus Imaginiste op, met als doel
de maatschappij zelf tot kunst te laten worden.

Walter
Gropius:
Program
of the Staatliches Bauhaus in Weimar [1919]
Tegenwoordig zijn de kunsten geïsoleerd. Het
Bauhaus probeerde alle kunstdisciplines te verenigen in een
gemeenschappelijk kunstwerk waar geen onderscheid gemaakt wordt tussen
decoratieve kunst en bijvoorbeeld architectuur.
|
|
|
|