Visuele en
Concrete poëzie


> startpagina

[+] = meer tekst


 

tussen taal en beeld

Visuele poëzie
is een zelfstandige literaire kunstzinnige richting,
ontstaan vanuit de

Concrete poëzie



 

een overzicht

Deze pagina gaat over de ontwikkeling en verspreiding
van Visuele- en Concrete poëzie en de kunsternaars die zich ermee bezig hielden.

Over concrete, auditieve en visuele poëzie in Nederland en Vlaanderen.
en een aantal wegbereiders van internationale betekenis.

 
 
 

Duitsland

1915
Oskar Schlemmer
1917
Hugo Ball
1919
Max Ernst / Ella Bergmann /
Stanislaw Kubicki

1920
Otto Dix / Max Beckmann
Hannah Höch

1924
Walter Dexel / Herbert Bayer



Squares Arranged According to the Laws of Chance. Collage van Jean Arp

1933
Jean Arp / Eva Anschoff
1937
Hans Hartung
1940
Ernst Schneidler / Willi Baumeister
1946
Hans Richter
1950
In het Duitse taalgebied ontstaan nieuwe, zeer actieve en uitstralende kernen, die zich zowel theoretisch als praktisch met de nieuwe dichtkunst bezig hielden.
In de eerste plaats kwam in Stuttgart een groepering tot stand rondom. Max Bense was daar hoogleraar aan de Technische Hochschule. Zijn teksttheorieën krijgen internationale bekendheid.
1955
Julius Bissier

1956
Diter Rot


Kunstenaarsboek van Diter Rot

1957
Winfred Gaul / Bruno Goller



Vis in de vorm van een gedicht door Christian Morgenstern

1958

Christian Morgenstern / Klaus Peter Dienst / Georg Rohde

1959
Englebert van Anderlecht / Gerhard Altenbourg / Werner Bunz /
Carlfriedrich Claus / Gustav Deppe
Kuno Gonschior / Michel
/
Franz Mon /


Plotselinge verandering in het letterteken door Franz Mon

1960
Josua Reichert /

1961
Mommo Rotella / Wally Barker / Peter Brüning / Gerhard Hoehme / Alfred Lörger / Georg Karl Pfahler /




Rondschrijven / Ferdinand Kriwet

1962

Ferdinand Kriwet / Thomas Bairle / Bernard Jaeger / Buja Bingemer / Ludwig Gosewitz / Hap Grieshaber /
Klaus Jürgen-Fischer / Horst Egon / Kalinkowski / Herbert Kaufmann / Gert Köhler / Lil Picard / Wolfgang Schmidt / Helmut Schmidt Rhen /
Werner Schreib
/


1894
Frankrijk

Pierre Bonnard / Paul Gauguin

1897
Stéphane Mallarmé /


Un Coup de Dés

In 1897, werd de gedichtenbundel gepubliceerd in een nieuwe vorm. Het was een voorloper van de symbolistische beweging uit de jaren 1880 in Frankrijk


1914

Serge Férat / Georges Braque
1915
Robert Delaunay / Henri Laurens
1919
Francis Picabia
1921
Fernand Léger



1918

Guillaume Apollinaire
Poëzie uit het verleden,
Het gedicht heeft de psychische vorm van het onderwerp
[+]
1924

Marcel Duchamp
1956
Camille Bryen / Raimond Hains /
André Masson / Georges Mathieu

1960
Bernard Requichot



1961
Jean Dubuffet
/
Georges Noel
1962
Pierre Clerc / Jean Degottex / Raimond Hains

1916
Italië
Guido Biasi / Carlo Carrà /
Neri Nannetti / Achille Lega / Mario Nannini /



Filippo Tomasso Marinetti [1876-1944]

De oprichter en vooman van het Italiaans futurisme Les mots en liberté futuristes

De verbindende schakel tussen het futurisme en de audiovisuele dichtkunst werd gelegd door een late leerling van Marinetti Carlo Belloli. Zijn na de oorlog gepubliceerde werk was een duidelijke aankondiging van wat later als concrete poëzie bekend zou worden.
[+]
1954
Wander Bertoni /
Giuseppe Capogrossi / Riccardo Licata
1959
Enrico Baj / Lucio Fontana /
Roberto Crippa / Mattia Moreni /
Luciano Lattanzi / Arnaldo Pomodoro

1962
Carla Arccardi / Kavel
Antonio Music / Achille Perilli


1960
Griekenland




Jannis Kounellis

Kounellis is één van de bekendste kunstenaars uit de Arte-Povera-beweging. In zijn oeuvre speelt vergankelijkheid een belangrijke rol.

1950
Denemarken




Asger Jorn

1959
Richard Mortensen
1960
Jorgen Nash / Guy-Ernest Debord


1961
Argentinië


Haroldo de Campos /
Léon Ferrari / José Lino Grünewald [+]

1912
Spanje

Pablo Picasso
1926
Juan Gris
1927
Joan Miro
1960
Modest Cuixart

1910
Rusland

Natalie Gontscharova
1912
Wassily Kandinsky
1914
Kasimir Malewitch / Sonja Delaunay-Terk / Ilia Zdanévitch / Jean Pougny
1923
Lissitky / Majakowski /
Paul Mansouroff
1958
René Hinds

1922
Hongarije

Laszlo Moholy-Nagy
1963
Peter Foldès

1961
Nieuw Zeeland

John Forrester

1919
Oostenrijk

Raoul Hausmann
1961
Gastone Novelli / Arnulf Rainer /
Gerhard Rühm

1962
Heinz Gappmayr

1958
Bolivia

Eugen Gomringer

1928
Tsjecho-Slowakije

Adolf Hoelzel

1850
Engeland
William Morris

Hij was de belangrijkste typografische ontwerper en utopisch denker van het 19de-eeuwse Engeland die reageerde op de concrete poëzie
1962
Dom Silvester Houédard
[1924-1992]
Hij werd in 1949 Benedictijner monnik in de Prinknash Abdij, Gloucestershire. Naast zijn religieuze werk hield hij zich intensief met Concrete Poëzie bezig.
Hij vond het Typestract uit. Een vorm die uit de mogelijkheden van een schrijfmachine opgebouwd werd.
Zijn meest bekende werk is Frog-pond-plop, een vertaling van een haiku van Matsuo Basho [1644-1694]
Ook al werd hij als avant-gardist beschouwd volgde hij steeds de oeroude tradities van de Benedictijner orde.

Edwin Morgan, een vriend van hem zoekt contact met de Portugees
De Castro
die in 1962 over Visuele poëzie in de Times Litterary Supplement gepubliceerd had.




 


De geschiedenis

De vervagende grenzen tussen woord en beeld waren bij de Grieken en de Latijns Romaanse antieken al herkenbaar.
Egyptische of de Hettitische hiëroglyfen zijn meesterwerken van vereenvoudiging en beeldmatige abstractie.
Er is nauwelijks een handschrift te herkennen, maar ze werden wel in tekstverkeer gebruikt. [+]

Ruimte
Concrete- en visuele poëzie hebben het meest intensieve gebruik van ruimte in de geschiedenis van de literatuur tot stand gebracht. [+]

Vandaag de dag
De beweging van de concrete poëzie is nauwelijks te volgen voor de toeschouwer die er in opgaat en tegelijkertijd, en ondanks de interactiviteit die het medium van hem eist, eenzaam achterblijft. [+]



De kubisten

Die waren zich natuurlijk niet bewust dat ze met hun collages van letters en gescheurde teksten een ontwikkeling in gang gezet hebben. Ze gebruikten die collages op dezelfde manier als elk ander materiaal, als het aan hun beeld maar een nieuwe spanning toevoegde.



1900

Jugendstil

De Jugendstil heeft de betrokkenheid van de schrifttekens op de taal weggerukt door ze puur als ornament te gebruiken.
Positieve en negatieve vormen worden verweven om een zuivere vlakverdeling te bereiken.
Het streven naar het zogenoemde Gesamtkunstwerk, zag je ook in de boekillustratie. Door de nauwe samenwerking tussen kunstenaars en schrijvers ontstond een nieuwe kunstvorm.
Vooral de poëzie was bij uitstek geschikt om tekst en beeld met elkaar te verbinden.



Kurt Schwitters [1887-1948]
Hij plakt resten van alledaagse teksten als collages bijeen. Deze volkomen nieuwe zienswijze verdrijft de alom tegenwoordigheid van het leesbare woord.
De kranten, bureaucratie en reclame heersen. [+]

Dada

In Zwitserland, Duitsland en Frankrijk experimenteerden Dada dichters met Toeval Poëzie en Klankgedichten. [+]


1950
Concrete poëzie
Deze kunststroming onstaat op meerdere plaatsen tegelijkertijd




1953
De in Brazilië geboren Öyvind Fahlström publiceerde een manifest voor concrete poëzie.

Naar aanleiding van de toen nieuwe kritische structuuranalyse merkt hij op dat men poëzie ook als structuur kan scheppen en wel als concrete structuur, uitgaande van de taal als concrete materie. Hij formuleert enkele basistechnieken voor de concrete poëzie en wijst - wat ook daarna de Zweedse klankdichters uit de Stockholmse studio Fylkingen zijn blijven doen - op de magische mogelijkheden der taalmiddelen.
Door zijn vergelijking van de door hem voorgestane poëtische werkwijze met die in de concrete muziek van Pierre Schaeffer
komt hij er toe van concrete poëzie te spreken.


Vrijgelaten woorden in Italië
De Italiaans futuristische dichters lieten een schrijfstijl zien die ze Parole in libertà noemden.
Filippo Marinetti schrijft Technisch manifest van de futuristische literatuur: 'Remplacer le psychologie de l'homme... par l'obsession lyrique de la matière.'
[+]

1916
Zwitserland
Paul Klee en Kurt Schwitters
Het tweede centrum voor de ontwikkeling van concrete poëzie lag aanvankelijk in Zwitserland, waar de uit Bolivia afkomstige
Eugen Gomringer en Marcel Wyss samen met Diter Rot het tijdschrift Spirale oprichten.
De Spiral-press, geeft zijn eerste bundel Konstellationen in dat jaar uit.

Gomringer is de secretaris geweest van Max Bill een Bauhausleerling die rector van de Hochschule für Gestaltung in Ulm was geworden. Bill was een voorvechter van de concrete kunst, zoals die door Theo van Doesburg in zijn manifest uit 1930 werd voorgestaan en bracht Gomringer ertoe op dezelfde grondslagen tot concrete poëzie te komen.
Gomringer noemde zijn teksten Konstellationen, een term die hij ontleende aan Mallarmé.
Hij wordt gezien als een voorloper van de symbolistische beweging uit de jaren 1880 in Frankrijk.
Hij ontwikkelde een hermetische stijl kenmerkend voor intellectualisme en de abstractie van het Duitse idealisme.
Volgens Mallarmé moet dichtkunst suggereren en onbewust op de lezer inwerken. De dichter kan de werkelijkheid omvormen door een beroep te doen op het menselijke intellect en door gebruik te maken van alle poëtische en magische krachten van de taal.
Mallarmé maakt een onderscheid tussen het communicatieve taalgebruik van alle dag en het poëtische taalgebruik. Gedichten werken met klanken, ongrammaticale associaties en soms met magische symbolen op de lezer in. Op die manier ontstaat, bij benadering, een innerlijke werkelijkheid.

Un Coup de Dés

In 1897 werd deze gedichtenbundel van Stéphane Mallarmé, gepubliceerd in een nieuwe vorm.
De regels zijn in verschillende corpsen willekeurig verspreid over de pagina gezet, zodat de lege ruimte rond de woorden plotseling een eigen betekenis kregen.

Un coup de dés jamais n'abolira le hasard

Eeen worp met dobbelstenen zal het toeval nooit afschaffen.

De Belgische kunstenaar Marcel Broodthaers ging een stapje verder en 'vertaalde' de tekst van un coup de dés zonder daarbij letters te gebruiken.


Brazilië

In Brazilië was de derde plek, waar een drietal studenten uit São Paulo, Augusto de Campos zijn broer Heraldo de Campos en Decio Pignatari, de zogenaamde Noigandres-groep stichtten en een tijdschrift van die naam uitgaven.

Ook zij zagen, in de lijn van Van Doesburg het concrete gedicht als een 'voorwerp voor geestelijk gebruik', dat niet anders meedeelt dan zijn eigen structuur en geen voorstelling is van een daarbuiten gelegen object en nog minder van subjectieve gevoelens.[+]

Ideogrammen
Zo genoemd, vertonen die een grote overeenkomst met Gomringers Konstellationen. Pignatari, die later hoogleraar in de informatietheorie werd, kwam al gauw in contact met Gomringer, doordat hij naar Ulm reisde om de colleges van Max Bill over concrete kunst te volgen.

1958
De Noigandresgroep
in hun tijdschrift staat een Plan pilote pour la poésie concrète, waaruit onder meer duidelijk wordt van welke ontwikkelingslijn zij zich de voortzetters voelden. [+]

De futuristen en dadaïsten

Mallarmé, Ezra Pound, James Joyce, Edward Cummings, Guillaume Apollinaire en de Brazilianen Oswald de Andrade en Joao Cabral de Melo Neto.
Voor de klankpoëzie: en de concrete- en elektronische muziek in het algemeen Von Webern, Boulez en Stockhausen.

Peter Finch was de belangrijkste avantgarde dichter van Sound Poetry in Wales


1957

Concrete poëzie slaat over naar Japan
Haroldo de Campos had contact gelegd met Kitasono Katue de oprichter en redacteur van het tijdschrift Vou, dat in zijn novembernummer van 1957 het eerste Japanse concrete gedicht publiceerde.

1950

Duitsland

In die tijd ontstonden in het Duitse taalgebied nieuwe, zeer actieve en uitstralende kernen, die zich zowel theoretisch als praktisch met de nieuwe dichtkunst bezig hielden. In de eerste plaats kwam in Stuttgart een groepering tot stand rondom Max Bense was hoogleraar aan de Technische Hochschule zijn teksttheorieën krijgen internationale bekendheid.

de Stuttgarter Gruppe
Helmut Heissenbüttel, Reinhard Döhl
en de typografen Klaus Burckhardt, Hansjörg Mayer de meesterdrukker van de concrete poëzie, stichtte een eigen uitgeverij, de Edition Hansjörg Mayer.
Daarnaast ontstond de Darmstadter Kreis, die van 1957 tot 1959 het tijdschrift Material uitgaf, met figuren als Daniel Spoerri, Claus Bremer, Diter Rot en de Amerikaan
Emmet Williams.


Ook al zijn de sociaal-politieke componenten van de 'historische avant-garde' een beetje op de achtergrond geraakt, laat
Jörg Kowalski in de Visuellen Poësie in der DDR het ronkende, provocerende en subversieve karakter van deze kunstvorm binnen een totalitair regime zien.

De derde plek

In Wenen vormde zich een derde kring, die niet alleen door publicaties, maar in de jaren 1958 en 1959 ook met een literair cabaret de concrete poëzie presenteerde.
Ongeveer gelijktijdig met de Wiener Gruppe begon de nieuwe ontwikkeling zich in Tsjecho-Slowakije te manifesteren, waarbij de humor een grotere rol kreeg toebedeeld.
Daarna neemt de verspreiding en de verdere ontwikkeling van de nieuwe dichtkunst sterk toe. Frankrijk, Engeland, Italië, Portugal, Spanje, Denemarken, Polen, Joegoslavië, Mexico, Argentinië, een tweede generatie in Brazilië, Uruguay, de Verenigde Staten en Canada sluiten zich aan en ook in het Nederlands taalgebied verschijnen de eerste concrete gedichten.In Frankrijk hebben het poëtische lettrisme en ook de Cobrabeweging als wegbereiders gefungeerd.

Julien Benda gaf in 1961 Les Carnets de l'Octéor uit en later Ailleurs, Approches en Rhobo, in welke tijdschriften vooral het sémiotisme aan bod kwam.

Pierre Garnier
het tijdschrift Les Lettres onderging een metamorfose tot Revue du Spatialisme.

Het is merkwaardig om te zien hoe sedert de tijd van het Franse, vrij zakelijke, kubisme tegenover het Duitse, ten dele zeer idealistische, expressionisme de rollen nu zijn omgedraaid: de concrete poëzie in de Duitse centra steekt nuchter af tegen de universele idealen van het met dactylo- en typografische middelen werkende spatialisme, dat zijn derde manifest, geschreven door de Japanner
Niikuni en de Fransman
Garnier afsluit met de uitspraken: 'L'activité du poète rejoint celle du savant et de l'astronaute dans la découverte d'une esthétique linguistique et d'un langage commun à toute l'humanité. Ce faisant le poète prend part à la genèse d'une humanité qui vient de crever son enveloppe terrestre'.

Henri Chopin een belangrijke figuur voor de ontwikkeling van de auditieve poëzie in Frankrijk met de door hem opgerichte tijdschriften Cinquième Saison en Ou.Dikwijls is sprake van een internationaal contact dat de vonk doet overspringen.

800
Japan

Kukai [Daishi Kobo]
1650
Bonshu Isshi
1750
Ekaku Hakuin / Sonja Juin /
Enji Torei

1956
Nankoku Hidai / Seiyo Nagai
1957
Concrete poëzie slaat over naar Japan
Kitasono Katue de oprichter van het tijdschrift Vou, die in het novembernummer het eerste Japanse concrete gedicht publiceert.[+]
1958
Kumi Sugai
1960
Chikka Morita / Toko Shinoda
Taiho Yamazaki

1962
Walasse Ting / Sagen Eguchi /
Suijo Ikeda / Yuichi Inoue /
Joryu Matsui / Shiryu Morita /
Yasushi Nishikawa /
Yoshimichi Sekiya / Yukei Tesjima / Sakyu Ueda /

1918
USA

Lyonel Feininger
1942
Jackson Pollock
1959
Robert Brownjohn / Thomas Geismar /
Ivan Chermayeff /
Jasper Johns / Robert W. Munford




Soft alphabet


1960
Claes Oldenburg

Geboren in Stockholm maar als kind verhuisd naar de Verenigde Staten.
Als een beeldhouwer zich op een bijzondere manier met letters bezig houdt valt hij onder Visuele poëzie te plaatsen
1962
Robert Rauschenberg / Jean Tinguely / Alcopley / George Ortmann
/
9 11 2017

 


Nederland
1888
Vincent van Gogh

Dit kunstwerk is gemaakt met een schrijfbeweging.
Het zijn krassen waarin geen letters te ontdekken zijn, maar er is wel een bericht te herkennen.


Woeste vegetatie

1957
Ger Lataste
r



De tekening van Lataster balanceert op het raakvlak van abstractie en figuratie, van maatschappelijke betrokkenheid en poëzie.

1960
Karel Appel



Appel was een van de voormannen van de CoBrA-groep [1948-1951] waarin schrijvers, dichters en beeldende kunstenaars zich verenigden om vanuit Kopenhagen, Brussel en Amsterdam samen te werken.
Het collectieve aspect overheerste hierbij.
Onder leiding van de Belgische schrijver Dotremont kwam het tijdschrift CoBrA, tot stand.
CoBrA toonde een nieuwe mentaliteit, een nieuwe werkwijze en nieuwe voorstellingen
.

1961
Anton Heyboer
[1924-2005]



Heyboer was een vreemde eend in de bijt van poëzie en beeldende kunst. Zijn aanwezigheid en zijn werk plaatst hem midden tussen de kunstenaars van de Concrete poëzie.


1962
Lucebert
[1924-1994]



In veel vroege gedichten van Lucebert is er een organische wisselwerking tussen de woorden van het gedicht en de spontaan gemaakte tekeningen in de marge. Er is een opzettelijke interactie met de beeldtaal van zijn tekeningen, schilderijen en grafiek.
Woord en beeld, taal en kleur zijn de ingrediënten voor een cross-over, zo kenmerkend voor de kunst van Cobra.




Hendrik Nicolaas Werkman
[1882-1945]
De drukker van het paradijs die zowel met zijn typografische teksten voor de reeks The next call als met schrijfmachinecomposities pionierswerk heeft verricht.
[+]



Theo van Doesburg
[1883-1931]
Internationale voorloper als het gaat om Visuele experimenten met taal




Piet Zwart [1885-1977]
Typograaf en maker van taalobjecten, zoals dat later genoemd zou worden, afkomstig zijn.


Klank en taal

Er zijn dichters die experimenteren weliswaar niet zozeer met het taalmateriaal in concrete zin, behalve dan in de klankgedichten van Lucebert en Hanlo, dichter van het geruchtmakende klankgedicht

Oote [1952]


Oote oote oote
Boe
Oote oote
Oote oote oote boe
Oe oe
Oe oe oote oote oote

[fragment]

Jan Hanlo [1912-1969]
Ze bleven met hun gedichten binnen het gebied van de semantiek, al verbraken zij daarin tradities met hun associatieve en directe beeldvorming, hun beeldrijm en vooral hun eigentijdse opvatting van dichten als een wijze van leven.
Het waren baanbrekers maar het viel de Zestigers bijzonder moeilijk de ook kwalitatief zeer intense explosie van de Vijftigers nabij te komen, laat staan te overstemmen.

Hoe concreet is concreet

Met het woord 'concreet' ontstonden in Nederland wat moeilijkheden.

De Zestigers
De dichters rond het tijdschrift Gard Sivik, noemden hun werk Concrete Gedichten, nieuwrealistische en met bestaande teksten werkende poëzie. In het tijdschrift De Nieuwe Stijl blijkt: 'niet de fictie, maar de realiteit dient tot kunst te worden verklaard.'

1958
Sybren Polet (1924-2015)
Machinale Gedichten publiceerde hij in een verzamelbundel met de titel Konkrete Poëzie

Tijdschrift na tijdschrift verschijnt

1963
Henri Chopin / Paul de Vree
Ze richten in Antwerpen de tentoonstelling Objectieve poëzie in.
De concrete poëzie in de internationaal gangbare betekenis, kwam hiermee in Nederland pas goed aan de start .

1966

Frans van der Linde
De redacteur van het tijdschrift Kentering, liet Henri Chopin aan het woord met een artikel Les Mutations Poétiques.
Van der Linde richtte in 1966 een eigen tijdschrift Vers-Univers op.
Het verwijst naar het universele ideaal van de Franse Spatialisten. .

Hans Clavin / Herman Damen /

Robert Joseph

Dat waren de jongeren.
Paul de Vree maakt in 1966 een geheel aan de concrete poëzie gewijd nummer van zijn eigen tijdschrift De Tafelronde.

Herman Damen geeft het Tijdschrift voor verbaal-plasticisme 'AH' uit.
Herman de Vries is lid van de Nul/Zero-groep die de uit Gard Sivik voortgekomen is. De groep valt snel uiteen.
De nieuwrealisten komen samen bij De Nieuwe Stijl.
Herman de Vries geeft zijn eigen blad Intégration uit.


1968

Er verschijnen nog een drietal nieuwe tijdschriften voor visuele poëzie.
Robert Joseph / Ruud van Aarssen
/ G.J. de Rook / richten Bloknoot

1970
Hans Clavin
maakt het tijdschrift Subvers [+]
1972
Robert Joseph geeft pzh, in zijn poëziehuis uit.
Maarten Mourik / Cor Doesburg / Nahl Nucha / Ton Luiting /

1922
België
René Margritte
Dit is geen pijp.
"Ik wil niets begrijpelijk maken - ik ben van mening dat er voldoende schilderijen zijn die men met veel of weinig vertraging begrijpt" [+]

1916
Paul van Ostaijen [1896-1928]


van Ostaijen heeft meer literair talent en een scherper theoretisch oordeel dan Margritte.
Zijn meest geciteerde gedicht Music hall is een klassiek voorbeeld van visuele poëzie.
[+]

1952
Pierre Alechinsky




Christian Dotremont
De dichter schrijft een tekst die lijkt op Japans schrift.


In de spiegel blijkt het een franse tekst over Le train Mongol te zijn.
De Belgische, franstalige auteur Christian Dotremont [1922-1979] is stichter en bezieler van de Cobrabeweging [1948-1951]. Behalve dichter was hij romancier, kunstcriticus, beeldend kunstenaar en pamflettist.

1954
Guillaume Corneille
Hij werd geboren in het Belgische Luik als kind van Nederlandse ouders. Hoewel grotendeels autodidact, volgde hij kunstcursussen aan de Rijksacademie in Amsterdam. Aanvankelijk sterk beïnvloed door het werk van Picasso, maakte hij zich in 1948 hiervan los en trad toe tot de Cobra-beweging; hij is daarvan medeoprichter.In 1950 verhuisde hij van 
Amsterdam naar Parijs. Vanaf 1960 viel hij terug op figuratieve kunst, met vrouwen, vogels, bloemen en vaak personages. Zelf beweert hij dat schilderen geen hobby of werk is, maar eerder een roeping.

1961
Henri Michaux / Mark Insingel / Ivo Vroom / Leon van Essche /
Oprichters van het tijdschrift Labris




kinderen en
visuele poëzie


meer
dada woorden