Visuele poëzie



Bij de kunstwerken:
Jaartallen geven bij benadering een eerste datering van een werkstuk
Plaatsen geven het geboorteland aan hoewel vele kunstenaars in andere landen een grotere bekendheid verworven hadden

Duitsland

1915

Oskar Schlemmer
1917
Hugo Ball
1919
Max Ernst / Ella Bergmann
Stanislaw Kubicki

1920
Otto Dix / Max Beckmann
Hannah Höch

1924
Walter Dexel / Herbert Bayer
1933



Jean Arp /
Collage with Squares Arranged According to the Laws of Chance

Eva Anschoff

1937
Hans Hartung
1940
Ernst Schneidler
Willi Baumeister
1946
Hans Richter
1948
Heinrich Campendonk
1955
Julius Bissier
1956



Diter Rot


1957

Winfred Gaul / Bruno Goller

1958



Christian Morgenstern /
vis in de vorm van een gedicht


Klaus Peter Dienst
Georg Rohde


1959

Englebert van Anderlecht
Gerhard Altenbourg
Werner Bunz
Carlfriedrich Claus
Gustav Deppe
Kuno Gonschior
Michel




Franz Mon /
De plotselinge verandering in het letterteken


1960
Josua Reichert

1961

Mommo Rotella / Wally Barker
Peter Brüning
Gerhard Hoehme
Alfred Lörger
Georg Karl Pfahler


1962



Ferdinand Kriwet /
rondschrijven

Thomas Bairle / Bernard Jaeger
Buja Bingemer
Ludwig Gosewitz
Hap Grieshaber
Klaus Jürgen-Fischer
Horst Egon Kalinkowski
Herbert Kaufmann
Gert Köhler / Lil Picard
Wolfgang Schmidt
Helmut Schmidt Rhen
Werner Schreib

1894
Frankrijk

Pierre Bonnard / Paul Gauguin

1897


Stéphane Mallarmé
/ Un Coup de Dés In 1897, werd deze gedichtenbundel van Mallarmé, gepubliceerd in een nieuwe vorm. voorloper van de symbolistische beweging uit de jaren 1880 in Frankrijk


1914

/Serge Férat / Georges Braque
1915
Robert Delaunay
Henri Laurens
1919
Francis Picabia
1921
Fernand Léger
1918


Guillaume Apollinaire

Poëzie uit het verleden,
Het gedicht heeft de psychische vorm van het onderwerp


1924

Marcel Duchamp
1956
Camille Bryen / Raimond Hains
André Masson
Georges Mathieu

1960
Bernard Requichot

1961



Jean Dubuffet


Georges Noel
1962
Pierre Clerc / Jean Degottex
Raimond Hains

1916
Italië

Guido Biasi / Carlo Carrà
Neri Nannetti / Achille Lega
Mario Nannini




Filippo Tomasso Marinetti

[1876-1944] De oprichter en vooman van het Italiaans futurisme Les mots en liberté futuristes

De verbindende schakel tussen het futurisme en de audiovisuele dichtkunst werd gelegd door een late leerling van Marinetti Carlo Belloli. Zijn na de oorlog gepubliceerde werk was een duidelijke aankondiging van wat later als concrete poëzie bekend zou worden.


1954
Wander Bertoni
Giuseppe Capogrossi
Riccardo Licata

1959
Enrico Baj / Lucio Fontana
Roberto Crippa
Mattia Moreni
Luciano Lattanzi
Arnaldo Pomodoro

1962
Carla Arccardi / Kavel
Antonio Music / Achille Perilli


1960
Griekenland




Jannis Kounellis

Kounellis is één van de bekendste kunstenaars uit de Arte-Povera-beweging. In zijn oeuvre speelt vergankelijkheid een belangrijke rol.


+/- 1950
Denemarken




Asger Jorn


1959
Richard Mortensen
1960
Jorgen Nash
Guy-Ernest Debord

Argentinië

1961



Haroldo de Campos

Léon Ferrari
José Lino Grünewald

Spanje

1912

Pablo Picasso
1926
Juan Gris
1927
Joan Miro
1960
Modest Cuixart

Rusland

1910

Natalie Gontscharova
1912
Wassily Kandinsky
1914
Kasimir Malewitch
Sonja Delaunay-Terk
Ilia Zdanévitch / Jean Pougny

1923
Lissitky / Majakowski
Paul Mansouroff
1958
René Hinds

Hongarije

1922

Laszlo Moholy-Nagy
1963
Peter Foldès

Nieuw Zeeland
1961
John Forrester

Oostenrijk

1919

Raoul Hausmann
1961
Gastone Novelli / Arnulf Rainer
Gerhard Rühm
1962
Heinz Gappmayr

Bolivia

1958

Eugen Gomringer

Tsjecho-Slowakije

1928

Adolf Hoelzel

USA

1918

Lyonel Feininger
1942
Jackson Pollock
1959
Robert Brownjohn
Thomas Geismar
Ivan Chermayeff
Jasper Johns
Robert W. Munford

1962
Robert Rauschenberg
Jean Tinguely
Alcopley / George Ortmann

tussen taal en beeld

Visuele poëzie
is een zelfstandige literaire kunstzinnige richting, ontstaan vanuit de Concrete poëzie

Kenmerkend voor Visuele Poëzie is het door elkaar gebruiken van letter- beeld- en tekstmateriaal, zowel als verbale- semantische en figuratieve elementen.

een overzicht

Ontwikkeling en verspreiding
van Visuele- en Concrete poëzie en de kunsternaars die zich ermee bezig hielden.

Concrete, auditieve en visuele poëzie in Nederland en Vlaanderen.
Een aantal wegbereiders van internationale betekenis.


De geschiedenis

De vervagende grenzen tussen woord en beeld waren bij de Grieken en de Latijns Romaanse antieken al herkenbaar.
Egyptische of de Hettitische hiëroglyfen zijn meesterwerken van vereenvoudiging en beeldmatige abstractie.
Er is nauwelijks een handschrift te herkennen, maar ze werden wel in tekstverkeer gebruikt.

Vandaag de dag
De beweging van de concrete poëzie is nauwelijks te volgen voor de toeschouwer die er in opgaat en tegelijkertijd, en ondanks de interactiviteit die het medium van hem eist, eenzaam achterblijft.




De kubisten

Die waren zich natuurlijk niet bewust dat ze met hun collages van letters en gescheurde teksten een ontwikkeling in gang gezet hebben. Ze gebruikten die collages op dezelfde manier als elk ander materiaal, als het aan hun beeld maar een nieuwe spanning toevoegde.

1900
Jugendstil




De Jugendstil heeft de betrokkenheid van de schrifttekens op de taal weggerukt door ze puur als ornament te gebruiken.
Positieve en negatieve vormen worden verweven om een zuivere vlakverdeling te bereiken.
Het streven naar het zogenoemde Gesamtkunstwerk, zag je ook in de boekillustratie. Door de nauwe samenwerking tussen kunstenaars en schrijvers ontstond een nieuwe kunstvorm.
Vooral de poëzie was bij uitstek geschikt om tekst en beeld met elkaar te verbinden.



Kurt Schwitters /
[1887-1948]
Hij plakt resten van alledaagse teksten als collages bijeen. Deze volkomen nieuwe zienswijze verdrijft de alom tegenwoordigheid van het leesbare woord. De kranten, bureaucratie en reclame heersen.

Dada

In Zwitserland, Duitsland en Frankrijk experimenteerden Dada dichters met Toeval Poëzie en Klankgedichten


1953
De concrete poëzie ontstaat vrijwel gelijktijdig op drie plekken



Öyvind Fahlström / [1908-1976]
De in Brazilië geboren Fahlström publiceerde in Zweden een manifest voor concrete poëzie.
Naar aanleiding van de toen nieuwe kritische structuuranalyse merkt hij op dat men poëzie ook als structuur kan scheppen en wel als concrete structuur, uitgaande van de taal als concrete materie. Hij formuleert enkele basistechnieken voor de concrete poëzie en wijst - wat ook daarna de Zweedse klankdichters uit de Stockholmse studio Fylkingen zijn blijven doen - op de magische mogelijkheden der taalmiddelen.
Door zijn vergelijking van de door hem voorgestane poëtische werkwijze met die in de concrete muziek van / Pierre Schaeffer /
komt hij er toe van concrete poëzie te spreken.


Vrijgelaten woorden in Italië
De Italiaans futuristische dichters lieten een schrijfstijl zien die ze Parole in libertà noemden.
Filippo Marinetti / Technisch manifest van de futuristische literatuur: 'Remplacer le psychologie de l'homme... par l'obsession lyrique de la matière.'

1916
Zwitserland

Paul Klee / Kurt Schwitters
Het tweede centrum voor de ontwikkeling van concrete poëzie lag aanvankelijk in Zwitserland, waar de uit Bolivia afkomstige
Eugen / Gomringer / Marcel Wyss samen met Diter Rot het tijdschrift Spirale oprichten en ook de Spiral-press, die zijn eerste bundel Konstellationen in dat jaar uitgaf.

Gomringer is de secretaris geweest van Max Bill een Bauhausleerling die rector van de Hochschule für Gestaltung in Ulm was geworden. Bill was een voorvechter van de concrete kunst, zoals die door Theo van Doesburg in zijn manifest uit 1930 werd voorgestaan en bracht Gomringer ertoe op dezelfde grondslagen tot concrete poëzie te komen.
Gomringer noemde zijn teksten Konstellationen, een term die hij ontleende aan Mallarmé.
Hij wordt gezien als een voorloper van de symbolistische beweging uit de jaren 1880 in Frankrijk.
Hij ontwikkelde een hermetische stijl kenmerkend voor intellectualisme en de abstractie van het Duitse idealisme.
Volgens Mallarmé moet dichtkunst suggereren en onbewust op de lezer inwerken. De dichter kan de werkelijkheid omvormen door een beroep te doen op het menselijke intellect en door gebruik te maken van alle poëtische en magische krachten van de taal.
Mallarmé maakt een onderscheid tussen het communicatieve taalgebruik van alle dag en het poëtische taalgebruik. Gedichten werken met klanken, ongrammaticale associaties en soms met magische symbolen op de lezer in. Op die manier ontstaat, bij benadering, een innerlijke werkelijkheid.

Un Coup de Dés

In 1897, werd deze gedichtenbundel van Stéphane Mallarmé, gepubliceerd in een nieuwe vorm.
De regels zijn in verschillende corpsen willekeurig verspreid over de pagina gezet, zodat de lege ruimte rond de woorden plotseling een eigen betekenis kregen.

Un coup de dés jamais n'abolira le hasard
Eeen worp met dobbelstenen zal het toeval nooit afschaffen.

Marcel Broodthaers
De Belgische kunstenaar Marcel Broodthaers ging een stapje verder en 'vertaalde' de tekst van un coup de dés zonder daarbij letters te gebruiken.


Brazilië

In Brazilië was de derde plek, waar een drietal studenten uit São Paulo, Augusto de Campos zijn broer Heraldo de Campos en Decio Pignatari, de zogenaamde Noigandres-groep stichtten en een tijdschrift van die naam uitgaven.

Ook zij zagen, in de lijn van Van Doesburg het concrete gedicht als een 'voorwerp voor geestelijk gebruik', dat niet anders meedeelt dan zijn eigen structuur en geen voorstelling is van een daarbuiten gelegen object en nog minder van subjectieve gevoelens.

Ideogrammen
Zo genoemd, vertonen die een grote overeenkomst met Gomringers Konstellationen. Pignatari, die later hoogleraar in de informatietheorie werd, kwam al gauw in contact met Gomringer, doordat hij naar Ulm reisde om de colleges van Max Bill over concrete kunst te volgen.

1958
De Noigandresgroep publiceerde in haar tijdschrift een Plan pilote pour la poésie concrète, waaruit onder meer duidelijk wordt van welke ontwikkelingslijn zij zich de voortzetters voelden.

De futuristen en dadaïsten

Mallarmé / Ezra Pound /
/ James Joyce / Edward Cummings / Guillaume Apollinaire
en de Brazilianen
Oswald de Andrade
en
Joao Cabral de Melo Neto

Voor de klankpoëzie: en de concrete- en elektronische muziek in het algemeen Von Webern /
/ Boulez / Stockhausen.


Peter Finch
was de belangrijkste avantgarde dichter van Sound Poetry in Wales

1957

Concrete poëzie slaat over naar Japan
Haroldo de Campos
had contact gelegd met Kitasono Katue de oprichter en redacteur van het tijdschrift Vou, dat in zijn novembernummer van 1957 het eerste Japanse concrete gedicht publiceerde.

1950
Duitsland

In die tijd ontstonden in het Duitse taalgebied nieuwe, zeer actieve en uitstralende kernen, die zich zowel theoretisch als praktisch met de nieuwe dichtkunst bezig hielden. In de eerste plaats kwam in Stuttgart een groepering tot stand rondom Max Bense was hoogleraar aan de Technische Hochschule zijn teksttheorieën krijgen internationale bekendheid.

de Stuttgarter Gruppe
Helmut Heissenbüttel /
/ Reinhard Döhl
en de typografen Klaus Burckhardt /
/ Hansjörg Mayer
de meesterdrukker van de concrete poëzie, stichtte een eigen uitgeverij, de Edition Hansjörg Mayer.
Daarnaast ontstond de Darmstadter Kreis, die van 1957 tot 1959 het tijdschrift Material uitgaf, met figuren als Daniel Spoerri / Claus Bremer /
/ Diter Rot
en de Amerikaan
Emmet Williams.

Ook al zijn de sociaal-politieke componenten van de 'historische avant-garde' een beetje op de achtergrond geraakt, laat
Jörg Kowalski
in de Visuellen Poësie in der DDR het ronkende, provocerende en subversieve karakter van deze kunstvorm binnen een totalitair regime zien.

De derde plek

In Wenen vormde zich een derde kring, die niet alleen door publicaties, maar in de jaren 1958 en 1959 ook met een literair cabaret de concrete poëzie presenteerde.
Ongeveer gelijktijdig met de Wiener Gruppe begon de nieuwe ontwikkeling zich in Tsjecho-Slowakije te manifesteren, waarbij de humor een grotere rol kreeg toebedeeld.
Daarna neemt de verspreiding en de verdere ontwikkeling van de nieuwe dichtkunst sterk toe. Frankrijk, Engeland, Italië, Portugal, Spanje, Denemarken, Polen, Joegoslavië, Mexico, Argentinië, een tweede generatie in Brazilië, Uruguay, de Verenigde Staten en Canada sluiten zich aan en ook in het Nederlands taalgebied verschijnen de eerste concrete gedichten.In Frankrijk hebben het poëtische lettrisme en ook de Cobrabeweging als wegbereiders gefungeerd.

Julien Benda
gaf in 1961 Les Carnets de l'Octéor uit en later Ailleurs, Approches en Rhobo, in welke tijdschriften vooral het sémiotisme aan bod kwam.

Pierre Garnier
het tijdschrift Les Lettres onderging een metamorfose tot Revue du Spatialisme.

Het is merkwaardig om te zien hoe sedert de tijd van het Franse, vrij zakelijke, kubisme tegenover het Duitse, ten dele zeer idealistische, expressionisme de rollen nu zijn omgedraaid: de concrete poëzie in de Duitse centra steekt nuchter af tegen de universele idealen van het met dactylo- en typografische middelen werkende spatialisme, dat zijn derde manifest, geschreven door de Japanner
Niikuni en de Fransman
Garnier
afsluit met de uitspraken: 'L'activité du poète rejoint celle du savant et de l'astronaute dans la découverte d'une esthétique linguistique et d'un langage commun à toute l'humanité. Ce faisant le poète prend part à la genèse d'une humanité qui vient de crever son enveloppe terrestre'.

Henri Chopin
een belangrijke figuur voor de ontwikkeling van de auditieve poëzie in Frankrijk met de door hem opgerichte tijdschriften Cinquième Saison en Ou.Dikwijls is sprake van een internationaal contact dat de vonk doet overspringen.



1888
Nederland




Vincent van Gogh
[1853-1890]

Woeste vegetatie

Dit kunstwerk: is gemaakt met een schrijfbeweging. Het zijn krassen waarin geen letters te ontdekken zijn, maar er is wel een bericht te ontdekken.

1957


Ger Lataste
r [1920]
De tekening van Lataster balanceert op het raakvlak van abstractie en figuratie, van maatschappelijke betrokkenheid en poëzie.

1960

Karel Appel [1921-2006]

Appel was een van de voormannen van de CoBrA-groep [1948-1951] waarin schrijvers, dichters en beeldende kunstenaars zich verenigden om vanuit Kopenhagen, Brussel en Amsterdam samen te werken. Het collectieve aspect overheerste hierbij.
Onder leiding van de Belgische schrijver Dotremont kwam het tijdschrift CoBrA, tot stand. CoBrA toonde een nieuwe mentaliteit, een nieuwe werkwijze en nieuwe voorstellingen


1961


Anton Heyboer
[1924-2005]
Vreemde eend in de bijt van poëzie en beeldende kunst.



Ernest van Leyden [1892-1969]

1962


Lucebert
[1924-1994]



Hendrik Nicolaas Werkman
[1882-1945]
De drukker van het paradijs die zowel met zijn typografische teksten voor de reeks The next call als met schrijfmachinecomposities pionierswerk heeft verricht.




Theo van Doesburg
[1883-1931]
Internationale voorloper als het gaat om Visuele experimenten met taal




Piet Zwart [1885-1977] Typograaf en maker van taalobjecten, zoals dat later genoemd zou worden, afkomstig zijn.


Klank en taal

Er zijn dichters die experimenteren weliswaar niet zozeer met het taalmateriaal in concrete zin, behalve dan in de klankgedichten van Lucebert en Hanlo, dichter van het geruchtmakende klankgedicht

Oote [1952]


Oote oote oote
Boe
Oote oote
Oote oote oote boe
Oe oe
Oe oe oote oote oote

[fragment]

Jan Hanlo [1912-1969]
Ze bleven met hun gedichten binnen het gebied van de semantiek, al verbraken zij daarin tradities met hun associatieve en directe beeldvorming, hun beeldrijm en vooral hun eigentijdse opvatting van dichten als een wijze van leven.
Het waren baanbrekers maar het viel de Zestigers bijzonder moeilijk de ook kwalitatief zeer intense explosie van de Vijftigers nabij te komen, laat staan te overstemmen.

Hoe concreet is concreet

Met het woord 'concreet' ontstonden in Nederland wat moeilijkheden.

De Zestigers
De dichters rond het tijdschrift Gard Sivik, noemden hun werk Concrete Gedichten, nieuwrealistische en met bestaande teksten werkende poëzie. In het tijdschrift De Nieuwe Stijl blijkt: 'niet de fictie, maar de realiteit dient tot kunst te worden verklaard.'

1958
Sybren Polet
Machinale Gedichten publiceerde hij in een verzamelbundel met de titel Konkrete Poëzie

Tijdschrift na tijdschrift verschijnt

1963
Henri Chopin / Paul de Vree
Ze richten in Antwerpen de tentoonstelling Objectieve poëzie in.
De concrete poëzie in de internationaal gangbare betekenis, kwam hiermee in Nederland pas goed aan de start .

1966

Frans van der Linde
De redacteur van het tijdschrift Kentering, liet Chopin aan het woord met een artikel Les Mutations Poétiques.
Van der Linde richtte in 1966 een eigen tijdschrift Vers-Univers op, in welke titel het universele ideaal van de Franse Spatialisten doorklinkt.

Hans Clavin / Herman Damen
/
/ Robert Joseph
Dat waren de jongeren. Paul de Vree maakt in 1966 een geheel aan de concrete poëzie gewijd nummer van zijn eigen tijdschrift De Tafelronde.

Herman Damen geeft het Tijdschrift voor verbaal-plasticisme 'AH' uit. Er verschijnen tien nummers.
Herman de Vries lid van de Nul/Zero-groep die de uit Gard Sivik voortgekomen is. De groep valt snel uiteen. De nieuwrealisten schaarden zich om De Nieuwe Stijl.Herman de Vries gaf zijn eigen blad Intégration uit.

1968

Er verschijnen nog een drietal nieuwe tijdschriften voor visuele poëzie.
Robert Joseph / Ruud van Aarssen / G.J. de Rook /
richten Bloknoot op.

1970
Hans Clavin

maakte het tijdschrift Subvers

1972
Robert Joseph eind 1972 geeft hij pzh, in zijn poëziehuis uit.
Maarten Mourik / Cor Doesburg / Nahl Nucha / Ton Luiting /


1922
België



René Margritte / Ceci nést pas une pipe




Paul van Ostaijen [1896-1928]
Margritte heeft meer invloed, van Ostaijen meer literair talent en een scherper theoretisch oordeel.
Zijn meest geciteerde gedicht Music hall is een klassiek voorbeeld van visuele poëzie.


1952
Pierre Alechinsky




Christian Dotremont / De dichter schrijft een tekst die lijkt op Japans schrift.


In de spiegel blijkt het een franse tekst over Le train Mongol te zijn.
De Belgische, franstalige auteur Christian Dotremont [1922-1979] is stichter en bezieler van de Cobrabeweging [1948-1951]. Behalve dichter was hij romancier, kunstcriticus, beeldend kunstenaar en pamflettist.

1954
Guillaume Corneille
1961
Henri Michaux
/ / Mark Insingel / Ivo Vroom / Leon van Essche
Oprichters van het tijdschrift Labris


Japan

+/- 800
Kukai [Daishi Kobo]
+/-1650
Bonshu Isshi
+/-1750
Ekaku Hakuin / Sonja Juin
Enji Torei

1956
Nankoku Hidai / Seiyo Nagai
1958
Kumi Sugai
1960
Chikka Morita / Toko Shinoda
Taiho Yamazaki

1962
Walasse Ting / Sagen Eguchi /
Suijo Ikeda / Yuichi Inoue /
Joryu Matsui / Shiryu Morita /
Yasushi Nishikawa /
Yoshimichi Sekiya / Yukei Tesjima / Sakyu Ueda /

1890
Engeland

William Morris /
Hij was de belangrijkste typografische ontwerper en utopisch denker van het 19de-eeuwse Engeland die reageerde op de concrete poëzie

1962
Dom Silvester Houédard
[1924-1992] DSH werd in 1949 Benedictijner monnik in de Prinknash Abdij, Gloucestershire. Naast zijn religieuze werk hield hij zich intensief met Concrete Poëzie bezig. Hij vond het typestract uit. Een vorm die uit de mogelijkheden van een schrijfmachine opgebouwd werd. Zijn meest bekende werk is Frog-pond-plop, een vertaling van een haiku van Matsuo Basho [1644-1694] Ook al werd dsh als avant-garde beschouwd werd volgde hij steeds de oeroude tradities van de Benedictijner orde.
Edwin Morgan,
een vriend van DSH zoekt contact met de Portugees De Castro die in 1962 over Visuele poëzie in de Times Litterary Supplement gepubliceerd had.

Zweden

1960



Claes Oldenburg
/ soft alphabet


Ik schuil onder een boom
Ik kijk naar het meer dat voor mijn neus ligt. Opeens komt de wind. Er lopen mensen over de brug. Nu is er geen rust meer.




Ik liep naar de brug van zonlicht Maar het was een brug van steen. Ik kijk naar het water. Soms zijn daar zwanen. Ze gaan onder de brug door, gewoon.


Droom:
Ik vlieg naar de hemel.
Naast mij vliegt een vredesduif.
Ondertussen komt de duisternis langs mij heen.


Mijn moeder denkt dat ik ham lekker vind. Dat is niet zo.
Dan doet ze het ook nog op mijn boterham. Dan ga ik maar heel langzaam eten.

Dit zijn teksten die Tijmen [8jr] schreef bij PP&P







omhoog >>
vervolg >>