|

Concrete
poëzie begint met de vaststelling van een totale verantwoordelijkheid
voor taal:
acceptatie van het uitgangspunt
van historische taaleigenheid als een onmisbare basis voor communicatie,
maar gecombineerd met de weigering om woorden als toevallige gebruiksvoorwerpen,
zonder leven, zonder eigenheid, zonder geschiedenis, te beschouwen,
als waren het taboegrafzerken waarin het gebruikelijke taalgebruik
er op staat het idee te begraven.
De
concrete dichter keert zich niet van woorden af, hij
bekijkt ze niet als iets vanzelfsprekends: hij gaat meteen naar
hun kern om die intens te beleven.
De
concrete dichter beschouwt het woord als op zichzelf staand,
een magnetisch veld van mogelijkheden, een dynamisch object, een
levende cel, een compleet organisme met psychologische- fysiologische-
en chemische eigenschappen die zich als antennes rond het hart
bevinden: Het leven zelf.
Zonder
te proberen de werkelijkheid te ontduiken of te misleiden
is Concrete poëzie tegen zelfverzwakkende beschouwing en
simplificatie van de realiteit. De oude formele redenering, met
een onsamenhangende basis, die in het begin van de eeuw fors plaats
vond, heeft als een steunbalk voor de ruines van een in opspraak
geraakte poëzie gediend, een anachronistisch bastaard met
een nucleair hart en een middeleeuws harnas.
Tegenover
een syntactische organisatie, met een vooruitziende
blik, waar woorden vastzitten als lijken op een banket, biedt
Concrete poëzie een nieuw gevoel voor structuur, capabel
om zonder verlies of spijt de aloude essentie van een poëtische
ervaring te bereiken.
Mallarmé
/ (un coup de dés - 1897),
James Joyce / (finnegans wake),
Ezra Pound / cantos, ideogram),
Edward Estlin Cummings /, en op een ander niveau,
Guiliaume Apollinaire / (calligrammes)
De futuristische- dadaïsten met hun experimenten, van zijn
de bronnen van een nieuwe poëtische manier van uiten die
er naar streeft om zich te organiseren als een formele eenheid
van het vrije gedicht.
Het
concrete gedicht, of ideogram, wordt een samenhangend gebied van
mogelijkheden.
De
poëtische kern is niet langer in een lineaire
keten van verzen geplaatst, maar in een systeem van relaties en
evenwicht tussen alle onderdelen van het gedicht.
Grafische
en fonetisch gerelateerde functies, factoren van verbondenheid
en gelijkheid, en het zelfstandig gebruik van ruimte als een element
voor compositie die gelijktijdig de dialectiek van oog en stem
bevat. Dit gevoegd bij de ideografische samenvatting van betekenissen,
schept een gevoelsmatige eenheid van woord- spraak- en visuele
elementen.
Op deze manier zijn woorden en ervaringen in een stevige, naast
elkaar voorkomende, leer van verschijnselen geplaatst die voordien
onmogelijk was.
Concrete
Poëzie:
het samengaan van voorwerp - woord in ruimte - tijd
Dit manifest
werd gepubliceerd in: Arquitectura e
Decoração, november / december 1956,
São Paulo, Brazilië
Pilot
Plan for Concrete Poetry
door Augusto de Campos, Décio
Pignatari, Haroldo de Campos,
gepubliceerd in Noigandres, #4, 1958, Sao Paulo, Brazilië
lees
ook >>
|