|

Hendrik
Nicolaas Werkman [Leens 1882 - Bakkeveen
1945]
De
druksels zijn Werkmans unieke bijdrage aan de Nederlandse kunst
Ze zijn het resultaat van de artistieke
toepassing van de druktechniek die hij in 1923 had ontwikkeld
met behulp van materialen uit zijn commerciële drukkerij,
en die zich onderscheiden van de gebruikelijke prentkunst, omdat
er altijd sprake is van unica.
Daarom voerde Werkman zelf de term druksels in, ter onderscheiding
van het drukwerk dat hij daarnaast in oplage vervaardigde.
Werkmans
druksels kregen voor het eerst bekendheid door de negen nummers
van het tijdschrift The Next Call [1923-1926]. Dit tijdschrift,
dat Werkman zelf uitgaf, werd gevuld met typografische experimenten,
druksels en grotendeels door hemzelf geschreven teksten van expressionistische,
lyrische en dadaïstische aard.
Werkman verspreidde The Next Call internationaal en dit bracht
hem in contact met allerlei avant-gardisten over heel Europa,
zoals / Michel Seuphor / Jean Arp / Antoine Pevsner / Wassily
Kandinsky /.
Tot
zijn beroemdste werken hoort de serie Chassidische legenden,
die werden geïnspireerd door de bundel Die Legende des
Baalschem [1932] van / Martin Buber /.
Deze joodse vertellingen werden door Werkman tussen 1942 en 1943
verbeeld in twintig druksels. Ze maakten deel uit van een reeks
illegale uitgaven die verschenen onder de naam 'De Blauwe Schuit'
en die waren bedoeld als geestelijk verzet tegen de Duitse bezetting.
In
de laatste jaren van zijn leven maakte Werkman daarnaast ook meer
abstracte druksels, die zich onder andere onderscheiden van zijn
vroegere abstracte werk doordat er organische, meer vloeiende
vormen in voorkomen. Zijn vormentaal en techniek waren veel rijker
geworden, mede dankzij het werken met sjablonen. De abstracte
druksels die thans in het prentenkabinet hangen, zijn getuigen
van het internationale niveau dat hij hiermee bereikte.
[bron: Groninger
Museum]
lees
ook >>
|