dichtregels
voorgelezen
op de
derde dinsdag van de maand


home

contact





 

tussen taal en beeld

Op de derde dinsdag van de maand
kiezen een aantal lezers uit hun boekenkast
drie verweesde dichtbundels.
Onder de platanen van het voormalig weeshuis
aan de Lauriergracht te Amsterdam,
lezen ze op willekeurige bladzijden,
een gedicht aan elkaar voor.


stilte en geluid
bewegend
tussen woord
en woord,
nieuw
in mijn versleten wereld
adem ik.
mijn mond
is lichaam geworden,
ik spreek de talen
van vóór Babel,
van later
en van nu.


Theo Vesseur
(1921-1991)
uit: Zeker misschien
1990


Dit is de 4e editie, lees ook:
01. Poézie is een steen
02. Het onderwerp ik
03. Wat nou gevoelige ziel
04. Stilte en geluid bewegend tussen woord en woord
05. Ga nu maar liggen liefste
06. Konijn met rode oren las gedichten achterstevoren
07. Een stoel zoals een stoel wacht /
08..Mijnheer Donselaer zoekt een vrouw
09. Als een boodschap in een fles
10. De cultuurgeschiedenis door en voor televisie
11. Op I. boem sat tere stout I. rouc
12. Afscheid van een eeuw
13. Op deze wijze ontstaat het gedicht

14. 'k Heb de dieren eten gegeven
15. Derde Dinsdag, even weg...

16. Het kan hier als overal
17. Alles op tafel
18. Hoe als je je



 

KENTERING

De stoere stad waar ik al jaren woon
weet mij nog ieder najaar te ontroeren,
wat overdaad was, bombast en bravoure,
bindt in en spreidt zijn nietigheid ten toon.

Er komt iets tijdelijks in de contouren
en het gewone doen wordt ongewoon.
Nu zou het goed zijn op gedempte toon
gesprekken met gestorvenen te voeren.

Het onontkoombare heeft overal
betekenis en samenhang gekregen;

je voelt de hemellichamen bewegen
op hun fatale tocht door het heelal,

en vreemd voldaan bespreur je allewegen
de geuren van verwondering en verval.

Jean Pierre Rawie
Uit: Onmogelijk geluk
1992

 

 

ZESTIG

Nu al kijk ik erop terug:
zelfs in het eeuwige gedoe met woorden
is zo te zien er geen houden meer aan.
Mijn uitzendbaantje kleurt al aow.

Nu is het tijd om slapeloos te zijn
en voor gebrek aan toekomstplannen.
schiet op als je nog schilderij wil worden
of troefkaart Jezus trekken wilt.

Steeds meer van wat ik niet heb waargemaakt
komt de komende tijd op vrije voeten.
De hele collectie op de schop,
na sluitingstijd moet alles zijn verdwenen.

Zou spijtig zijn als we toekomstigen
met onze aanwezigheid moeten teleurstellen.

Rob Schouten
Uit: Vervelende vlekken
2016



 

ZEEREEP

Ruigte, Stuifduinen
Zand schuurt de huid
en striemt de ogen
Gesel van wind en slijpsel
van kristallen grond

Nooit was het anders
sinds de Noordzee, die
directe nazaat van de goden
eonen terug, hier
met haar werk begon

En zij verveeld
of woedend, met haar rusteloze
golven, zandgolven, stuifsels
van haar branding, land schiep
naar haar evenbeeld -

Op de door duinzand onderstoven
oeverwallen van het Oer-IJ
loopt een verharde stroomrug
naar een nederzetting
uit de Twinstigste Eeuw

Elly de Waard
Uit: Op 't duin
2015

 

LETTERS

de smaragden
schrijven je naam
met initialen
nog nat van de dauw.
Mijn lief,
je haar
zo overvloedig
als een woud of een woordenboek
bedekt
me helemaal
met rode
taal.
In alles,
in het spoor
van de worm
kun je lezen,
in de roos
kun je lezen,
de wortels
zitten vol verwrongen
letters
door de vochtigheid
van het bos
en in de hemel

Pablo Neruda
Uit: Ode aan de Typografie
1954
vert. Cees Nooteboom
1989


IJZERSTERK DEBUUT

Het oude schoolschrift had zijn verzen trouw bewaard:
hij bleef nog heel oud op dat eerste boekje hopen,
maar dat bleef uit. Wel had hij goud en goed vergaard,
maar dat bleef uit, dat was als een'ge niet te kopen.

Toen stond hij op en wierp zich in de open haard.
De werkster vond het schrift. En nog wat knopen...

Lévi Weemoedt
Uit: Van harte beterschap.
kleine trilogie der treurigheid
1990

 


LIJNEN

Als je lijnt ben je te dik.
je eet sla en radijs en hebt
honger tot je ruzie krijgt.

Ik ben geen geit, zegt vader boos
en haalt friet op de hoek.
Moeder blijft thuis.

De buurvrouw was dikker dan zij
tot de baby kwam en moeder zei:
ik zal lijnen tot ik vliegen kan!

Johanna Kruit
Uit: Een propje in mijn gezicht
1989






DAPPER

Meer nog dan een ochtendzoen
heb ik 's morgens moed vandoen.
Wakker worden is geen kunst.
Dat gaat.
Van kwaad is beddengoed
zich niet bewust
en koude slaapt niet graag
onder een deken.
Het is de mat die
met de wereld vergeleken
veel te klein is als begin,
en zelfs, met mij er middenin,
een beetje knelt.
Ik aarzel lang, rechtop in bed,
bedenk dat het net als ja of het
het woordje bang
vaak in mijn dagboek staat,
maar dapper is mijn broer
en zelf ben ik een held.
Dat helpt.

Opstaan is de kunst.
Meer dan een paar ochtendzoeken
heb ik nood aan stoute schoenen.

Bart Moyaert
Uit: Verzamel de liefde
2005


MIJN VADER

Mijn vader zei: Je lijkt sprekend op je moeder
Je hebt alles was je moeder verfoeit

Mijn vader zei: Ook in de ogen van de kakkerlak
is het eigen jong het mooist

Mijn moeder zei: Ik zal ziekteverwekkend ongedierte verdrijven
Duisternis uit de mens

Mijn moeder zei: Er is een barbarij die nooit vervugtigt

Athena Farrokhzad
Uit: Een witte suite
vert. Lisette Keustermans


MIJN VADER

Miijn vader
sliep
en mijn moeder boog zich over hem
en zei: 'kijk, hij is zich van geen kwaad bewust'

mijn broers hoorde haar niet,
spuugden op elkaar, minachten elkaar,
stortten elkaar in een groot en geheimzinnig soort verderf

mijn vader ontwaakte
er waren muggen, wespen, kleine hyena's, giertjes
en één vlieg, één vliegje,
en mijn vader rekte zich uit
en zei: 'ach, vkiegje, wat doe jij hier...'
en sloeg het dood.

Toon Tellegen
Uit: Raafvogels
2006

 


TORNEN

toen ik klein was
snapte ik niet waarom
mijn moeder zo'n stille vrouw was
wanneer zij en ik alleen thuis
waren voelde het net alsof
we elkaar niet zagen
ik kon uren voor de tv liggen
languit op de bank
en zij naast mij op de stoel
dan kon ze zomaar zeggen
zet een beetje thee
dan gleed ik van de bank
slofte naar de keuken
zette voor haar een kopje
Five Roses-thee en plofte
dan weer op de bank
jaren later toen ik
veel ouder was waren we
wee met z'n tweeën alleen thuis
zij zat op de stoel
te verstellen
ik moest de zoom
van een gordijn lostornen
toen stond ik op van de bank
en ging in kleermakerszit op de grond
aan haar voeten tv zitten kijken
de voorkamer
was licht door de zon en de gordijnen
lagen op de vloer
terwijl ik zo zat te tornen aan de gordijnen
drukte ze haar voet tegen mijn rug en zei
en dan te bedenken dat je zo klein was
toen je werd geboren
was je bijna
dood
ik loerde alleen naar haar
vanuit mijn ooghoek
en antwoordde
doe niet zo saai
Mammie
en tornde verder

Ronelda S. Kamfer
Uit: Mammie
2016
vert. Alfred Schaffer


ROOFBOUW

Neem mij mee,

ik heb geleerd nu hoe de bomen heten
de berk, de esdoorn, de sequoia: een schaduw
die ons voor mogelijk hield, hoe weinig
werkelijk door oogleden wordt bedekt, het najaar
nog lang

en zelfs met de ogen gesloten zal ik het voor me zien
hoe de neerslag door ons heen viel en onderweg
letsel werd

de weemoed en haar pakgewicht, dat moegetrokken weefsel
dat de rek verloor

ik ben los

Charlotte Van de Broeck
Uit: Nachtroer
2017



STERVEN ALS STANDBEELD

Op je drieŽntwintigste
kom je aan met je treurige familie
en denkt dat je een meisje bent dat naar
vliegvelden gaat maar niet reist.
Je zit in een vliegtuig omringd door
zwarte soldaten
slapend en dromend van Irakezen die ze moesten vermoorden.
In zestien uur tijd verlies je je land voor
de tweede keer,
een land waar niemand van houden kan.

De universiteit betaalt je minder dan het
minimum loon
om kinderen te leren over vrouwen die
traditioneel trouwen
en over mannen die hun homoseksualiteit
niet hebben ontdekt.
Je gaat naar de les alsof je een afspraak
hebt om een visum aan te vragen.

Daar is een leven dat je achterliet en
waarvan je weet dat het zal sterven als
standbeeld,
en daar in het midden is een leven, niet
buiten het kader van Skype
deze huizen zijn geschikt voor muizen,
voor dozen en voor ons.

Weet je,
dat je hart alleen klopt
dat je niet lang boos kunt zijn omdat je
met veel dingen bezig bent
dat alles verandert sls we maar eindeloos
wachten
dat geen enkele belofte gered kan
worden nadat we de oceaan oversteken.

Mona Kareem
2019

vert. Nisrine Mbarki
2019



KLEINE WERELD

Alleen maar hier. Hoogsanningslijnen zijn
haast uitgegumd. De vogels zijn vervlogen.
De roodoranje zon hangt laag te drogen.
Gemengd met mist doen dingen minder pijn.

Bij elke stap onstaat een stukje sloot.
De koude doet de wateren kalmeren
en Marokkaanse meisjes bestuderen
het verse ijs. De vissen willen brood.

De wereld volgt de wandelaar en rust
als hij verdwaald raakt inde witte nacht
en in de stilte niet meer weet welk land

hem nu omgeeft en welke vreemde kust
daar kraakt. Maar achter zweveld schijnsel wacht
de poort van het Chinese restaurant.

Co Woudsma
Uit: Viewmaster


HERFST

De blaren vallen, als van ver,
als welkten in de hemel verre tuinen;
ze vallen met ontkennende gebaren.

En in de nachten valt de zwarte aarde
uit alle sterren in de eenzaamheid.

Wij allen vallen. Deze hand zal vallen.
En kijk je naar de andere: het is in alle.

Maar Eén is er. Hij vangt dit vallen
oneindig teder in zijn handen op.

Rainer Maria Rilke
Uit Liedboek


*

Ik huil
omdat ik
een traan heb


Toria Oumhamed
groep 4


Ik schreef je naam
was je maar hier
woorden in mijn hoofd
tranen op papier

Doninik Wozniak
groep 8

Uit: Ik hul omdat ik een traan heb
 
             
 



 


Ik heb drie gedichtenbundels uit de kast van mijn moeder gehaald.
Ik kon de titels niet lezen.
Daarom koos ik een boek met een rode-, een witte- en een blauwe kaft.


Jibriël.

Nisrine las het gedicht van Mona Kareem in het Arabisch voor.
We hoorden hoe dat klonk en kunnen zien hoe de afdruk er uit ziet.